De noodzaak voor opvoeding en scholing
Opvoeding vormt de basis van elke maatschappij. Wat men de kinderen aanleert zal later hun moreel kompas worden alsook de verschillende patronen van aanvaardbaar gedrag binnen die gemeenschap. Het zal bepalen wat de volwassenen in die samenleving geloven, wat hun waarden zijn. Het zal ‘de waarheid’ bepalen waarin zij leven. Aangeleerde patronen van gedrag en redeneren worden de kinderen bijgebracht door ‘lesgeven’, door onderwijs. Unesco definieert onderwijs als volgt: ‘Onderwijs is het proces van het verwerven van kennis, vaardigheden, waarden en houdingen door een verscheidenheid aan vormen van leren. Het omvat formele instructie op scholen en universiteiten, maar ook niet-formele en informele vormen zoals maatschappelijke betrokkenheid en zelfstudie.’
Onderwijs kan gezien worden als de overdracht van de waarden en verzamelde kennis binnen een gemeenschap van de ene generatie naar de volgende. Dit komt dan overeen met wat sociale wetenschappers noemen socialisatie of enculturatie. Kinderen worden geboren zonder cultuur. Zij bezitten wel het zaad van de cultuur van de groep waaruit ze zijn voortgekomen, maar hoe het zaad zich zal ontwikkelen hangt af van de invloeden van de buitenwereld. Onderwijs is erop gericht om hen leiden in het leren van ‘hun’ cultuur, waardoor hun volwassen gedrag aangepast zal zijn aan hoe de cultuur uitgedrukt wordt binnen de groep waaruit zij voortkwamen. Op deze manier worden zij geleid naar hun latere rol binnen die gemeenschap. Hoe wijder het aanbod van waarden en kennis waaraan het kind wordt blootgesteld, hoe uitgebreider zijn onderricht zal zijn, en hoe meer informatie waaruit het kind dan persoonlijke keuzes kan maken om in zijn eigen leven te integreren.
De vaardigheden en kennis dat een kind moet leren hebben een directe relatie met de overleving van de soort, met het voortbestaan van de groep waaruit het kind is voortgekomen, met het voortbestaan van die specifieke maatschappij. Dan is het meest efficiënte onderricht het doorgeven van de waarden en verzamelde kennis van die specifieke groep. Verschillende groepen zullen verschillende waarden, verschillende noden en verschillende kennis hebben over het leven. Het is heel erg waarschijnlijk dat deze niet in kaart te brengen zijn in overeenstemming met de nationale grenzen die men op een kaart getrokken heeft. Het onderwijs is erop gericht om de economische groei te stimuleren, om sociale gerechtigheid te ondersteunen, en om een geïnformeerde maatschappij te bouwen. De prioriteit ligt dan ook in de ontwikkeling van ‘holistische’ studenten, waarbij strenge academische doelen gecombineerd worden met persoonlijke groei om individuen voor te bereiden op hogere scholing, succesvolle carrières, en actief burgerschap. De doelstellingen van het overheidsonderwijssysteem voor kinderen is van hen de meest efficiënte gereedschappen te maken voor de economie. Zelfs de ‘persoonlijke’ groei van het individu duidt op hen naar ‘hoger onderwijs’ en naar ‘succesvolle carrières’ te brengen. Vandaar dat het formele onderwijssysteem de kennis, vaardigheden, waarden en houdingen die het naar de kinderen overbrengt een weerspiegeling zijn van de interesses van het economische systeem, van de industrie en de handel. Dit is geen stimulatie van de ontwikkeling van de intrinsieke bekwaamheden die het individu bezit om de overleving en het leerproces van de groep waartoe het individu behoort verder te helpen.
Persoonlijke groei is in feite een actieve en intentionele reis van zelf-ontplooiing en zelf-realisatie. Dit houdt al in dat het niet door een buitenoverheid kan worden gerealiseerd. Je moet het zelf doen. Jij bent de enige die jouw intrinsieke waarden ‘kent’ en wat er nodig zal zijn om deze tot volle ontplooiing te laten komen. Maar het is de overheid die jou vertelt dat zij het beter weten hoe jouw persoonlijke groei moet aangepakt worden. Realiseer je echter dat zo’n uitspraak heel nieuw is in de menselijke geschiedenis. Het waren namelijk jouw ouders, jouw familie en jouw gemeenschap (het dorp of de stam), die wisten wat er echt nodig was in de omstandigheden dat zij leefden. Hier zijn een aantal kenmerken die nauw verband houden met wat persoonlijke groei echt betekent.
- Persoonlijke groei betekent iets doen dat buiten jouw comfortzone ligt.
- Persoonlijke groei betekent door de lens van vertrouwen kijken in plaats van de lens van angst.
- Persoonlijke groei betekent ervoor kiezen om te leren wat op je pad komt.
- Persoonlijke groei betekent zorg dragen voor je eigen leven. Ik ben het die ervoor moet kiezen om te veranderen. Als het mij niet aanstaat hoe ik me voel, dan kan ik ervoor kiezen om het te veranderen. Als het mij niet bevalt hoe ik me gedraag, dan kan ik beslissen om dat te veranderen.
Dus, persoonlijk betekent persoonlijk. En jij hebt het in eigen handen. Doe wat voor jou goed aanvoelt en goed is. De reis naar je beste zelf is een persoonlijke reis. Dan mag je de vergelijkingen vergeten. Alhoewel vele mensen gelijkaardige elementen, omstandigheden en ervaringen meemaken, hun levens zijn nooit hetzelfde. Twee mensen die eenzelfde situatie ervaren zullen het altijd benaderen vanuit verschillende perspectieven. Waarom? Omdat jouw gedachten, die voortkomen uit jouw geloofsovertuigingen, bepalen waar jij in jouw leven naar toe evolueert en hoe jij het leven ervaart.
Het in beslag nemen van het onderwijs van onze kinderen vanaf een heel jonge leeftijd laat de overheid toe om de kinderen te voorzien van een denkconcept dat in hun wereldbeeld past. Eén van de voornaamste voordelen van het formele onderwijs is het verkrijgen van academische kennis verspreid over verscheidene gebieden zoals wiskunde, wetenschap, talen, geesteswetenschappen en sociale wetenschappen. Deze kennis vormt de basis voor verdere specialisatie en carrière ontwikkeling, die er nodig is om van de kinderen gewillige volwassenen te maken die in de maatschappij, die het opvoedkundig systeem dient, passen. Studenten leren niet enkel academische onderwerpen maar ook belangrijke levenslessen die vorm geven aan hun wereldbeeld. Het wereldbeeld van de overheid, niet dat van de groep waaruit de kinderen zijn voortgekomen. Formeel onderwijs is gestoeld op een curriculum en instrumentele systemen die door de overheid bepaald worden. Er bestaat geen onderwijssysteem dat zich vormt rond de individuele vaardigheden en het begrijpend vermogen van de jongeling, en zijn interesse op dat moment. Het formele onderwijs is gericht op de ondersteuning van de economie door het trainen van jongeren vanaf een hele jonge leeftijd om goede burgers te worden en productieve elementen in de maatschappij. Als er ook maar enige intentie was om de jongeling toe te laten zijn/haar eigen talenten en vaardigheden te ontwikkelen dan had de overheid de verantwoordelijkheid voor het onderwijs van dat kind overgelaten aan de ouders, aan de familie en aan de gemeenschap waarin dat kind thuishoort, zonder ook maar enige vorm van inmenging. Op deze manier worden de beste, de meest evenwichtige, levens voor individuen gevormd. Door hen te trainen om te aanvaarden wat hen verteld wordt is het aanleren van robotvaardigheden, geen menselijke vaardigheden. Menselijke vaardigheden, menselijke meningen, menselijke noden, variëren van persoon tot persoon. Geen enkel nationaal of globaal trainingsprogramma kan erin slagen om meer evenwichtige individuen te ontwikkelen dan het onderricht van de kinderen over te laten aan elke groep waartoe deze kinderen behoren.
Enkel ouders, familie en de gemeenschap van een kind kan dat kind voorzien van een veilig en ondersteunend thuis.
Enkel ouders, familie en de gemeenschap van een kind kan dat kind voorzien van een omgeving waarin het kind kan leren hoe het best kan overleven in de condities waarin het leeft.
Enkel ouders, familie en de gemeenschap van een kind kan dat kind voorzien van een omgeving waarin het kind de essentiële waarden van het leven kan leren, zoals die door de eigen gemeenschap aangehouden worden.
Enkel ouders, familie en de gemeenschap van een kind kan dat kind voorzien van de nodige middelen en vaardigheden om duidelijk te communiceren met de mensen uit z’n eigen gemeenschap.
Enkel ouders, familie en de gemeenschap van een kind kan dat kind voorzien van een stabiel evenwicht tussen academische kennis en praktische kennis, specifiek voor dat specifieke kind, om een evenwichtig en veelzijdig individu te worden.
Door onze baby’s en peuters te kidnappen krijgt de overheid de kans om hun geest te kneden in een vooraf bepaalde vorm van observeren, van redeneren en van logica, waardoor de individuele verschillen uitgevlakt worden en de weg naar een eenzijdige, eenvormige maatschappij wijd open ligt. De natuurlijke diversiteit en de locale omstandigheden worden weggeveegd ten voordele van wat men beweert ‘gelijke kansen’ te zijn. Maar zij bedoelen niet dat elk kind gelijke kansen krijgt om een ware reflectie van zichzelf te worden. Onze kinderen worden niet langer verondersteld om comfortabel te kunnen leven in de gemeenschap waaruit zij kwamen. In plaats daarvan moeten zij ‘wereldburgers’ worden, waar alle mensen dezelfde noden hebben, dezelfde wensen en dezelfde overtuiging en gedachten. Zij moeten dus in die richting onderwezen worden. Dat wordt dan gemakkelijker om in de hand te houden en te besturen als zij allemaal goed getraind zijn, goed onderwezen zijn, om hetzelfde te voelen, te denken en te doen.

